Selecteer een pagina

De eerste twee dagen thuis sluiten we ons even van de wereld af. We kruipen in onze veilige cocon. Geen telefoon en geen bezoek. De voorbije week was zo hectisch en emotioneel veeleisend dat we nu echt nood hebben aan rust en kalmte. Enkel onze ouders, broers en zussen komen op bezoek. Voor hen kan het leven terug zijn normale gang beginnen gaan. Voor ons begint dan een heel nieuw verhaal. Na enkele dagen binnenshuis, waag ik mij, aan Myrthes hand, aan een wandeling door onze tuin naar de kippen. Een dertigtal stappen verder sta ik in kamerjas en met zonnebril stil in het ochtendzonnetje. Mijn hoofd draait en mijn benen voelen als pudding. Straf als je weet dat ik nog geen 4 maanden geleden tot 50 km per week liep. En zie mij hier nu staan. Uitgeput van een wandeling van nog geen twee minuten. Maar ik kan mij niet gelukkiger voelen. Het geluk zit écht in kleine dingen die eerste dagen thuis.

We zeggen vaak lachend tegen elkaar: “De eerstvolgende maanden is het elke dag zondag.” We gaan er het beste van maken. Een beetje vertrekken vanuit het idee dat het niet veel slechter meer kan worden? Ik kan me hoe dan ook geen zorgen meer maken in banale zaken. Klagen over het weer of het verkeer? Niet meer ten huize De Clerck – Van Wijk. Positive vibes only! Het leven gaat tegen een bijzonder traag tempo. Net zoals mijn bewegingen. Alsof ik in slow motion sta afgesteld. De dokter heeft me er op gewezen dat ik minstens twee maanden niets fysiek belastend mag doen. Tijdens de operatie is het hersenvlies open gesneden en de barrière tussen hersenen en schedel moet herstellen. Niks heffen of tillen dus. En al zeker geen sport. Licht huishoudelijk werk, dat kan nog net. Ik ben dus best een beetje gefrustreerd. Enerzijds ben ik super gelukkig om er nog heelhuids te zijn. Anderzijds ben ik gefrustreerd omdat ik zo weinig mag of kan en omdat beter worden zo lang lijkt te duren. Bezoekjes worden nauwgezet door Myrthe ingepland en beperkt tot een minimum. Mijn hersenen werken nog een versnelling of drie trager en veel impulsen tegelijk kan ik niet verdragen. Ze kunnen moeilijk snelle bewegingen registreren en fel licht doet me duizelen. Een overgevoeligheid aan geluiden is ook een grote dwarsligger. Scherpe, plotse geluiden worden niet gefilterd en doen me ineenkrimpen. Als er bezoek is, verdraag ik maar één gesprek tegelijkertijd. Een ander gesprek of achtergrondgeluiden klinken even luid en ik kan het niet “uit zetten”. Ik kan de geluiden waar ik me wel of niet op wil concentreren niet meer filteren. Hoe zacht ook, het zijn die achtergrondgeluiden die mij mentaal afmatten. Na soms nog geen half uur voel ik me moe worden. Het lijkt dan alsof ik uren tussen ratelende Spanjaarden heb gezeten en veel moeite heb gedaan om ze te begrijpen. Dat lukt wel een beetje maar het vergt wel heel veel mentale energie. Als een echte ezel stoot ik me die eerste weken en maanden geregeld aan dezelfde steen.

Ik wil wel iedereen ontvangen en terugzien maar na elk bezoek moet ik vaststellen dat ik dat eigenlijk nog niet helemaal te baas kan. Als er geen bezoek is, is ons huis dan ook stil. Geen muziek of radio meer en als de tv op staat, dan met gedempt volume. Het eerste opvolggesprek leert ons dat de resultaten van de laatste MRI scan veelbelovend waren. Voor de chirurg is er puur lichamelijk geen enkel probleem meer. De symptomen die ik benoem, klinken hem wel bekend in de oren, maar hij kan mij niet zeggen wanneer ze zullen verdwijnen. Hij moet toegeven dat er van de eigenlijke werking van de hersenen nog niet veel geweten is. De tumor lijkt goed verwijderd en de leegte die is over gebleven, wordt stilaan terug ingenomen. Het uiteindelijke officiële resultaat luidt dat ik een goedaardige tumor had die, met het blote oog, volledig is verwijderd. Hoewel heel klein, blijft de kans dat er ooit een tumor terugkomt niet onbestaande. In dat geval zal ik terug onder het mes moeten en zal er niet getwijfeld worden om te bestralen. Net omdat het goedaardig was, ben ik daar van gespaard gebleven. Er mag dus geklonken worden op een goede afloop. Maar ergens zal ik dus nooit helemaal gerust zijn. Een MRI scan zal voor mij een jaarlijkse afspraak worden. Leuk is anders maar klagen doe ik niet. Het had zo veel erger kunnen zijn. Dat zinnetje spookt regelmatig door mijn hoofd. Er zijn toch veel mensen die erger meemaken, niet?

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *